ingezonden gedicht
HIJ  en  ZIJ
                                                     
Hij kreeg een brief, met de eis om enorm veel losgeld,
maar die was fout bezorgd, híj had alleen wat los geld.

Zij stoort zich aan iedere rokende en stinkende uitlaat,
maar´t meest, wanneer ze´s avonds haar hond uit laat.

Hij strooide bloemenzaad en bewonderde een werkbij
en dacht, jij krijgt er binnenkort weer heel wat werk bij.

Zij zag altijd erg op, tegen de dagelijkse bergen afwas
en na de koop van de vaatwasser blij dat ze er af was.

Hij hoort heel aandachtig Uw argumenten aan meneer,
maar later zegt hij tegen mij, ik leg alles naast me neer.

Zij eet veel liever prei, uit de moestuin van het kasteel,
dan die, welke ik altijd al vroeg in mijn warme kas teel.                                  

Hij inspekteerde heel nauwkeurig, het defecte uurwerk
en begrootte de reparatie, op meer dan twee uur werk.

Zij stond er om bekend dat ze elk onderzoek aanvocht,
ook toen de arts haar zei, U hebt een tekort aan vocht.

Hij zag bij zijn saxofoon een scheurtje in het mondstuk
en daardoor bleek nu pas, was zo vaak zijn mond stuk.

Zij verheugde zich zeer op een langverwacht weerzien,
want ze kon na een oogoperatie, sinds jaren weer zien.

Hij vaart al jaren met een sleepschip op de binnenvaart,
maar is altijd nog onzeker als hij de haven binnen vaart.

Zij draagt altijd graag, dat mooie lichtgroene mantelpak,  
maar vraagt of ik dit keer, haar lange beige mantel pak.

Hij kraakte op de fokkerij, de sloten van de paardenstal,
maar werd gepakt, toen hij twee heel dure paarden stal.

Zij ontving van haar geliefde, een waardevol aandenken,
maar ze kon bij het dragen daar niet aldoor aan denken.                                                                                        


P.B.K.  2014